Vooral bloeiende Elzen brengen bij droog weer veel matig allergeen pollen in de lucht. Van de Hazelaars zijn alleen nog de in tuinen aangeplante Krulhazelaars bloeiend aan te treffen. Bij droog weer neemt het aantal pollenkorrels of stuifmeel toe en dit kan tot hooikoortsachtige klachten leiden bij een groot aantal mensen dat gevoelig is voor dit matig allergeen pollen. Neerslag wast de lucht voortdurend schoon.
Ook bij het langer en dikker worden van de katjes en het op een gegeven moment openbreken komt er al fijn plantenweefsel in de lucht, onder andere afkomstig van tapetumweefsel. Het tapetum is een weefsel in de helmknoppen der meeldraden dat aan de ontwikkeling van pollen bijdraagt en als een voedselweefsel dient.
Zowel de microscopisch fijne stukjes plantenweefsel als piepkleine deeltjes van het tapetum bevatten allergenen die overeenkomen met de allergenen op pollenkorrels. Dus nog vóór dat het pollen in de lucht te constateren is, kan een aantal mensen al waarnemen dat er hooikoortsachtige klachten beginnen op te treden. Bij het aanhouden van temperaturen rond 10 graden en behoorlijk meer zien we dit allemaal heel snel gebeuren.
Na de bloeiende Zwarte en Witte elzen, zullen de Es en de naaldboom Taxus de volgende bomen zijn die bloeien en hun pollen in de lucht brengen.
Houdt verder rekening met schimmelsporen die in de lucht kunnen zijn, niet alleen buiten maar ook binnenshuis en met het gegeven dat huisstofmijten door hun afvalstoffen hooikoortsachtige klachten kunnen veroorzaken. In huis is dat te voorkomen door te stoken en ervoor te zorgen dat de Relatieve Luchtvochtigheid, vooral in de slaapkamer, minder is dan 55 %. Alleen aanhoudende neerslag wast de lucht schoon.